Recensies

Recensie: Zdob [si] Zdub – Basta Mafia!

Het Moldavische Zdob [si] Zdub deed afgelopen jaar mee aan het Eurovisie Songfestival. Geen goed nieuws meestal als het om kwaliteitsmuziek gaat. Maar laten we de band niet meteen veroordelen. In Oost-Europa is het liedjesfestijn immers een stuk hipper dan bij ons.

Het veel tourende Zdob [si] Zdub komt voort uit de punkhoek en is al vele jaren populair in Oost-Europa. Met het poppy Basta Mafia, hun eerste internationaal uitgebrachte album, willen de heren ook het westen overtuigen.

Dat lukt soms heel aardig. Opener Basta Mafia doet denken aan Gogol Bordello, We Are Life heeft een lekker jazzy intermezzo en op Trece Vremea Omului is het moeilijk stil zitten. Daar staan echter ook een aantal behoorlijke miskleunen tegen over. De met James Last trompet en Morricone pastisches ’opgesierde’ballad F.S.S.O. is ronduit wanstaltig. Wat ook gezegd kan worden voor Eternal Rock,  dat lijkt op een gedateerde ode aan, godbetert, The Scorpions.

Zdob [Si] Zdub valt daarmee een beetje tussen wal en schip. Soms slaan ze de plank flink mis, maar op andere momenten lijkt de band helemaal klaar voor een doorbraak. Misschien verstandig om volgende keer eerst wat meer goede liedjes te sparen. (Asphalt Tango Records)

Tekst: Patrick van Engelen

Recensie: The Klezmatics – Live at Town Hall

De Klezmatics zijn waarschijnlijk wereldwijd de bekendste  hedendaagse klezmergroep. Live at Town Hall is een registratie van het jubileumconcert dat de Amerikaanse groep zo’n vijf jaar geleden gaf ter ere van het 20-jarig bestaan. Beetje vreemd om met deze uitgave je 25-jarig jubileum te vieren. Maar goed, er was die avond dan ook iets bijzonders aan de hand. 

Uniek aan het ‘verjaardagsconcert’ in Town Hall was dat er tal van gasten mee speelden.   twee prominente ex-bandleden (David Krakauer en Margot Leverett).   Het duo, met name Krakauer, speelt op dit dubbelalbum een essentiele rol. Niet alleen vanwege hun uitmuntende spel, maar ook vanwege het instrument dat ze spelen: de klarinet. Deze fluit stond weliswaar niet aan de wieg van de klezmer, maar is in de loop der jaren, zeker sinds Naftule Brandwein het instrument begin vorige eeuw ter hand nam, bijna onmisbaar geworden in de Joodse muziektraditie.

Matt Darriau, tegenwoordig bandleider vanThe  Klezmatics (samen met trompettist Frank London)  bespeelt de klarinet ook fabuleus. Maar de swung die Krakauer in zijn spel legt, is toch moeilijk te evenaren.

Dan de nummers. De setlist van het concert was uiterst gebalanceerd. Veel uptempo spul. Zoals het fantastische NY Psycho Freyleks van het succesalbum Rhythm + Jews.  Maar ook genoeg ruimte voor rust. Zo opent de tweede cd met het melancholieke Davenen, waarin de viool een intense hoofdrol krijgt.

Voor degene die de band nog niet kent, is Live at Town Hall een prima startpunt. Enig minpuntje: er is geen dvd van het concert bij gesloten of te koop. Beelden hadden ons namelijk nog net wat dichter bij dit legendarische concert kunnen brengen.

Om de bijzondere sfeer toch nog wat verder op te snuiven is via www.klezdoc.com trouwens wel de documentaire On Holy Ground over de band (met enkele fragmenten van dit concert) te koop. (Fréa Records/Music & Words)

Tekst: Patrick van Engelen

Recensie: Yolla Khalife – Aah

Geplaatst op 23 januari 2012

De Arabische zangeres Yolla Khalife, geboren in Libanon en woonachtig in Frankrijk, treedt al vanaf 1978 op met het Al-Mayadine ensemble van haar wereldberoemde echtgenoot Marcel Khalife. Ze stond ermee  op podia overal op de aardbol. Van het Marokkaanse Fes tot het Amerikaanse Washington. Dit is haar eerste veelbelovende solo album.

De muzikale invloeden op Aah lopen van folk uit Oost-Europa en Turkije tot de klassieke muziek uit het Midden-Oosten. Dat uit zich in het gebruik van instrumenten als de derbouka (percussie), kanoun (snareninstrument) en zurna (soort fluit). Maar ook de zang van Yolla zelf draagt zonder twijfel mee aan de Oosterse sfeer op het album. Haar stem, op sommige momenten geheel acapella te beluisteren, is diep en helder. Alsof ze haar boodschap letterlijk bij de luisteraar wil injecteren onder de huid. Zo indringend.

De Arabische taal waarin de teksten worden gezongen zijn wij niet machtig. Maar gelukkig zijn de woorden in het bij de cd gevoegde boekje vertaald naar het Engels. Daardoor weten we dat Yolla’s belangrijkste thema universeel is: de liefde.

Haar echtgenoot Marcel Khalife is even te horen als gastmuzikant (op de oud). Maar het is Yolla die op dit solodebuut de show steelt. Dat het maar niet bij deze eerste mag blijven. (Traditional Crossroads/Music & Words).

Tekst: Patrick van Engelen

Recensie: Sambasunda Quintet – Java

Geplaatst op 17 januari 2012

West-Java, ook wel Sunda genoemd, staat bekend om zijn gamelan muziek. Dat er ook andere klanken van dit deel van het Indonesische eiland komen, laat het Sambasunda quintet, een gedeelte van het grotere Sambasunda, horen op het nieuwe album Java.

Centraal op de plaat staat het instrument Kacapi, een grote citer in de vorm van een boot. De muziek, diep geworteld in de traditie, is bijna constant kalm en sereen. Ideaal om tussen de palmbomen en rijstvelden bij te ontwaken.

Meest uptempo is Paddy Pergi Ke Bandung, gelijk het meest inventieve en vernieuwende nummer van Java. We hoorden al vaker wereldse fusies met keltische muziek (o.a. Afro Celt Sound System in de jaren negentig), maar een Indonesische variant is voor ons nieuw. Verrassend sluiten de Aziatische muzikale droombeelden van Sambasunda perfect aan op het geluid van de Kelten.

Het Sambasunda Quintet mag trots zijn op het sfeervolle Java. Het album blijft ook na meerdere draaibeurten helemaal overeind en is een prachtige aanvulling op het reguliere repertoire van het West-Javaanse gezelschap.

Tekst: Patrick van Engelen

Recensie: Mdungu – Gambian Space Programm

Geplaatst op 16 januari 2012

Het Nederlandse Mdungu debuteerde in 2009 uitstekend  met Afro What!?, een bruisende plaat met een prettige mix tussen Afrikaanse muziek, pop en jazz. Op Gambian Space Program, hun tweede, gaan de heren op dezelfde voet verder. Al zijn er hier en daar wel wat accentverschillen.

Zo krijgt de enige echte Afrikaan in de band, Ebou Gaye Mada , meer ruimte om zijn stem te laten horen. Dat geeft de nummers net wat meer vaste structuur en de liedjes blijven wat minder in een niemandsland zweven. Met Gambian Space Program maakt Mdungu zogezegd een volgende stap.

Invloeden zijn zijn net als op het debuut groot. Planet Lagos referereert overduidelijk naar de afrobeat en funk uit de Nigeriaanse hoofdstad.  In Scandal wordt goed gebruik gemaakt van de talking drum, het percussieinstrument dat live bijna altijd een sensatie oplevert. En in het tweede deel van het dromerige No Can Do en Buxamatoul horen we  een reggaeritme langskomen.

Het titelnummer Gambian Space Program is live ongetwijfeld een van de nieuwe publieksfavorieten. Het bijna instant-meezingbare saxofoonrefrein hoor je bijna al door de toeschouwers meezingen en neuriën . Het is de poppy kant van Mdungu die hen goed staat. Ben benieuwd hoe dit zich verder gaat ontwikkelen.

Tekst: Patrick van Engelen

Recensie: Amsterdam Klezmer Band – Mokum

Geplaatst op 12 januari 2012

Ter ere van het 15-jarig bestaan van de Amsterdam Klezmer Band brengt de groep rond de goedlachse Job Chajes voor het eerst een live-album uit. Vreemd eigenlijk voor een band die toch vooral bekend is geworden vanwege zijn ijzersterke concertreputatie.

16 nummers telt Mokum. Voor een groot deel bekende live-knallers zoals Op een Goppe (van Zaraza uit 2008), Chassid in Amsterdam (van Malaloka uit 2000) en het zwierige Di Zilberne Chassene (van Amsterdam Klezmer Band uit 2004). Maar ook bijvoorbeeld het wat minder bekende en kalmere Blue Hora (van Son uit 2005) kreeg een plekje.

Het album, opgenomen met publiek in Studio 105, in Amsterdam is eigenlijk een grote ode aan de carrière van de band.Ooit begonnen op straat en op (bruilofts)feesten speelde het vrolijke gezelschap inmiddels vrijwel overal in Nederland de boel plat. Van knusse concertzaaltjes tot megafestivals als Lowlands en Pinkpop. Maar ook buiten ons kikkerlandje bleef de band niet opgemerkt. Zo stonden de heren met groot succes op onder andere het Sziget Festival, Roskilde en afgelopen jaar nog op het Hong Kong Jazz festival en WOMEX.

Mokum (eigenlijk een soort ‘beste van’) is een ideale kans voor iedereen die nog niets van de Amsterdam Klezmer Band in de kast heeft staan (schande!). In één klap heb je een prachtig overzicht van een van Neerlands beste bands in huis. En de fans? Bij hen zal dit plaatje ongetwijfeld overuren draaien. Eindelijk kun je dat zalige feestgeluid van concerten ook thuis door de speakers laten schallen. Alle 16 goed! (Essay Recordings/Coast to Coast),

Mokum verschijnt officieel op 20 januari. Op de 19e geeft de band haar 1000ste concert in Paradiso in Amsterdam.

Tekst: Patrick van Engelen

Recensie: Che Sudaka – 10

De energiekste band uit de mestizo-scene rond Barcelona is ongetwijfeld Che Sudaka. Dat er nog niet een podium is gesneuveld van al hun bokkesprongen tijdens concerten mag een wonder heten. Met ’10′, wederom gratis te downloaden, viert de band haar tienjarig bestaan. En het zal u niet verbazen, van een stijlwisseling is geen sprake. Al gaat het er wel iets rustiger en intiemer aan toe.

Fans, vrees niet bij deze vorige zin. Het blijft bovenal een gezellig feestje met Che Sudaka. Muzikaal gezien dan. Want natuurlijk worden in de teksten weer een aantal kritische zaken aangesneden.

Zo gruwt de band al jaren van de onder immigratiepolitiek in Europa. In het kalme met vocoder opgesierde ‘Immigrant Song’  brengt de band een ode aan hen die huis en haard verlieten om een nieuwe toekomst op te bouwen.

Live maakt Che Sudaka veel meer indruk dan in de studio. Maar 10 is productioneel gezien wel hun meest interessante plaat tot nu toe. Dat ze deze weg maar voort mogen zetten de komende jaren. Maar dan wel graag met wat meer uptempo knallers.

Tekst: Patrick van Engelen

Recensie: Baloji – Kinshasa Succersale

Geplaatst op 10 januari 2012

Sterke Afrikaanse albums die traditie en moderniteit op een goede manier samen brengen zijn schaars. Vaak klinkt de fusie toch wat gekunsteld. Wat onecht. Baloji vermeed de valkuilen en  maakte met Kinshasa Succursale een pracht van een tweede album.

De jonge Congolese rapper, woonachtig in het Belgische Luik, werkte voor zijn plaat samen met een keur aan lokale muzikanten uit zijn moederland, van het moderne Konono no.1 tot de bejaarde bandleden van de in 2008 overleden rumba-pionier Wendo Kolosoy.

Maar de gastrollen op deze moderne ode aan Congo zijn niet alleen toebedeeld aan Afrikanen.  Ook  het Britse funkcollectief Amp Fiddler krijgt in het bluesy Nazongi Ndaki (part 1) een rol.

Baloji’s brede blik levert een uiterst gevarieerd album op dat niet snel verveelt. Zijn Franstalige raps ’hangen’ lekker  in de muziek en de instrumentbeheersing is over het algemeen genomen hoog.

Een viertal bonus-remixes met onder andere de uberhippe Blitz The Ambassador brengen het totaal aantal nummers van Kinshasa Succersale op 16. Misschien iets teveel van het goede. Maar een lekker plaatje is dit (Crammed Discs).

Tekst: Patrick van Engelen

LE JOUR D’APRES / SIKU YA BAADAYE (INDEPENDANCE CHA-CHA) from BALOJI on Vimeo.

Recensie: Baraná feat. Ceyl’an Ertem – Xenopolis

Geplaatst op 8 januari 2012

Het Turkse/Nederlandse muziekgezelschap Baraná rond saxofonist Steven Kamperman en de muzikant/zanger Behsat Üvez brengt op Xenopolis een ode aan de veelzijdige stad Istanbul. Grote rol is daarbij weg gelegd voor de talentvolle Turkse zangeres Ceyl’an Ertem die ook de teksten schreef. Op een bedje van samples en jazz improvisatie mag ze  vrij haar elastische vocalen laten glijden.

Xenopolis kent net zoveel gezichten als de stad zelf en is daarmee lastig in woorden te vatten. Moderniteit naast traditie. Oosters, maar ook Europees.

Waar het je in de straten van Istanbul zo nu en dan duizelt van de indrukken, denk je bij het beluisteren van het album soms wel: waar willen ze heen? Wat doet die elektrische gitaar nu naast die cello? Had een beetje minimaler niet fijner geklonken? Het zijn momentopnamen.Want even later ben je weer verrukt door de spanning en de muzikaliteit die hier neer wordt gelegd.

Het is  goed dat het gezelschap het experiment niet schuwt en zoekt naar nieuwe wegen. De samples van Afra Mussawisade  en de zang van Ertem brengen meer leven in Baraná ‘s stijl. Nu nog iets minder van die typische muzikantensolo’s en we zijn helemaal gelukkig. (BayKus/EMI)

Tekst: Patrick van Engelen